DE SCHADUWSTAD

Onderzoek naar vrijplaatsen in Rotterdam en Brussel (2004) met een update van 2016. Including a download of the English report.

Ter gelegenheid van het veertig-jarig bestaan van de schaduwstad Christiania in Kopenhagen, is de documentaire Christiania, 40 years of occupation gemaakt. Het geeft een mooi beeld van de ontwikkeling van een naïeve hippie-gemeenschap naar een bijzondere enclave die zich flexibel tot een verzakelijkende omgeving verhoudt. Van 2001 tot 2004 onderzocht Urban Unlimited samen met bureau MUST en bureau o2 naar creatieve broedplaatsen in Brussel en Rotterdam met de titel ‘de schaduwstad’.1 2

Het onderzoek bevat een historisch en theoretisch begrip van vrijstaten en vrijplaatsen. Wat was de rol van vrijplaatsen in de stedelijke ontwikkeling en waar is dat aan te herkennen? De grootsteden Brussel en Rotterdam worden in algemene zin en aan de hand van enkele cases van divers pluimage beschreven. Hierbij komen aan de orde de specifieke context, de vrijplaatscultuur en netwerken, alsmede hun respectievelijke impact op de stedelijkheid in de stad. Enkele andere referenties uit de rest van de wereld worden bekeken op ‘best practice’ om met conclusies en aanbevelingen te eindigen. Drie hoofdstukken zijn hier samengevat:

Historische duiding van vrijplaatsen
Brussels boeket van vrijplaatsen
Rotterdams pragmatische vrijplaatsen

 

Ontwikkelingen tussen 2004 en 2016

In 2004 was er in veel steden een lage beschikbaarheid van niche-ruimte, lees: klein, goedkoop, stedelijk en karakteristiek. Projectontwikkeling en herontwikkeling waren hoofdzakelijk gericht op grote kantoorklanten, een kantoor van minder dan 250 m2 werd zelden aangeboden. Enkele ontwikkelingen hebben sindsdien de situatie behoorlijk drastisch veranderd:

  1. De erkenning van de creatieve industrie als essentiële sector voor de Nederlandse economie en voor placemaking.
  2. Het aanslaan van het concept van economische clusters, waarbij stedelijke gebieden meer vanuit clusters en netwerken 3 worden ontwikkeld dan uitsluitend vanuit corporate grootheden.
  3. De 2007 crisis met bijbehorende leegstand van kantoren (en later winkels) leidde tot daling van vastgoedprijzen, verkleining van verhuureenheden en nieuwe tussenpersonen.

De vastgoedmarkt, overheidsbeleid en de creatieve sector hebben elkaar in de tussentijd dus gevonden. Wat zich nu in vrijplaatsen bevindt zijn oudere kraakbastions als Christiania en nieuwe opvanglocaties voor uitgeprocedeerde migranten en daklozen, onder meer in leegstaand vastgoed.4


Historische duiding van vrijplaatsen 5

Rond 1000 woonden de Katharen in een uitgestrekt gebied met Katharendorpen. Zij waren gnostici die meenden dat hun kennis alleen mondeling kon worden overgedragen. De leer had veel aanhang bij de nieuwe vrije burgers die de oude feodale structuur verworpen. Toen de inquisitie tegen de Katharen werd afgekondigd vormde zich een netwerk van sympathiserende kasteelheren in Zuid Frankrijk. Montségur was het Katharenkasteel dat een tijd moedig standhield tegen de christelijke overheersing, waarna de katharen vluchtten met meeneming van – naar de legende verluidt – de heilige graal. Het bolwerk was gebroken, maar het sociaal-culturele netwerk van de Kathaarse gnostici is nooit helemaal verdwenen.  6

In zekere zin zou men kunnen zeggen dat dit soort bolwerken de voorbode waren voor de eerste West-Europese steden die tijdens de mercantilistische revolutie opkwamen. Ook hier was er immers in eerste instantie sprake van bolwerken, die door de feodale vorst werden gedoogd, vervolgens opgenomen in zijn inkomstenbelasting om tenslotte zo nu en dan heftig te worden bestreden. Voor de horige was de stad letterlijk en figuurlijk een vrijplaats, na een verblijf in de stad van langer dan een jaar was de horige bevrijd van de willekeur van zijn leenheer. ‘Stadslucht maakt vrij’ was in die tijd daarom een gevleugelde uitdrukking.
De situatie herhaalde zich bij de 17e en 18e eeuwse kolonialisaties. Niettemin was hier een belangrijk onderscheid. Waren de assassijnen, katharen en eerste mercantilistische steden gericht op een verdedigend behoud van een burgerlijke cultuur en handel, kolonisten waren op zoek naar uitbreiding van macht en fysiek territoir. Kolonisten als de settlers in Amerika, de boeren in Zuid Afrika en de veroveraars van het verre oosten verklaarden meer dan eens de onafhankelijkheid van hun zojuist bezette gebied al dan niet los van een ‘moederstaat’.

[perfectpullquote align=”left” cite=”” link=”” color=”” class=”” size=””]Voordat een georganiseerde staatsvorm ontstond, waren Boerenstaten geïmproviseerde staatjes met eigen wetten en leiders.[/perfectpullquote]

De moederstaat was immers te ver verwijderd om bestuur en wet op te leggen aan de koloniën. De grote trek in Zuid Afrika bestond uit – de uit de liberale Engelstalige Kaap – wegvluchtende calvinistische Afrikaans sprekende families die tot op de tanden bewapend expedities combineerden met landjepik op de oorspronkelijke bewoners. Voordat een georganiseerde staatsvorm ontstond, waren deze Boerenstaten geïmproviseerde en tijdelijke staatjes met eigen wetten en leiders.

Vanwege diplomatieke onschendbaarheid of gedoogbeleid van de formele overheid zijn sommige vrijplaatsen ook potentiële vluchtplekken. Voor de ontwikkeling van een stad kan dit niet onderschat worden. Een stad als Amsterdam bijvoorbeeld ‘is gegroeid dankzij een wankel evenwicht tussen overheid, vrijheid en handel. Tolerantie was niet zozeer een principe, maar een praktische noodzaak: een open handelsstad is een trefpunt van allerlei culturen en kan zich nooit omvangrijke vervolgingen van andersdenkenden permitteren.’ aldus Geert Mak in zijn ‘geschiedenis van Amsterdam’. Het tolerante klimaat zorgde voor een bonte verzameling vluchtelingen: Portugese sefardische Joden die de diamant- en tabakshandel opzetten, immigranten uit de Zuidelijke Nederlanden die de zijde-industrie en suikerraffinaderij deden groeien, de hele wereld dreef handel in de stad Amsterdam. Niet alleen zorgde dit tolerante klimaat voor een enorme groei; de ‘stad van outsiders’ onderhield ook contacten met de oorspronkelijke steden en dorpen, waardoor de positie in een groot netwerk sterk was. In tegenstelling tot de hiervoor genoemde verovering van gebieden of oorlog werd hier ‘dagelijks de overwinning gehaald door middel van handel’. En die kon alleen gedijen door de toepassing van vrijheden. Hier ligt het historisch bewijs dat een vrijplaats de bron is van weelde en stedelijkheid, en niet andersom. 7

Historische kenmerken van vrijplaatsen zijn kortom:

  • vluchten uit een beklemmende samenleving (bolwerken en vluchtplekken),
  • bundelen van krachten in het vechten om het bestaansrecht (verovering en herovering)
  • het op een of andere wijze weer verbinden met de omgeving.

Brussels boeket van vrijplaatsen (PM)


Rotterdams pragmatische vrijplaatsen (PM)

Uitsnede van het zorgnetwerk Rotterdam 2004)
Uitsnede van het zorgnetwerk Rotterdam 2004)