Science Fiction Stad

In veel fantastische films worden werelden van de grond af opgebouwd. Van Star Trek tot The Hunger Games, het zijn imaginary empires. Wat te leren van deze werelden?

Dagenlang verblijven in een imaginaire wereld 

In veel fantastische films worden werelden, zoals een science fiction stad, van de grond af opgebouwd. Van Star Trek tot The Hunger Games, het zijn imaginary empires die niet 1:1 in de fysieke wereld bestaan. Maar met films, boeken, strips, games, gadgets, en soms gebouwen wordt een geloofwaardige en aantrekkelijke omgeving samengesteld. Zo goed, dat velen er dagenlang in kunnen verblijven.
rivendel
Rivendel
Rondom een imaginary empire kunnen communities ontstaan, niet alleen kritiekloze fans, maar ook betrokkenen die de makers voorzien van de nodige feedback om de imaginaire wereld te verbeteren. In de architectonische praktijk ontstaat zoiets dergelijks ook: de uiteindelijke gebruiker treedt langzaam toe in het bouwproces; met CPO’s, casco’s en kopersplatforms worden toekomstige bewoners betrokken bij het modelleren van hun nieuwe woonomgeving, lang voordat die in de fysieke werkelijkheid bestaat.

De relatie tussen fantastische films en architectuur is dus niet zo ver te zoeken, beide bouwen werelden, maar de werkvelden blijven in de praktijk ver van elkaar verwijderd. De verhalende kwaliteiten van filmproducties met onderliggende scenario’s en state of the art CGI-animaties liggen mijlenver voor op de renderings in de architectuurpraktijk. Op zijn best bereiken renderings van het beste architectenbureau het niveau van een gelikte autoreclame of een middelmatige fotoroman.
Dat ligt niet zozeer aan het architectenbureau zelf. Zelfs het meest vooraanstaande animatiebureau Factory Fifteen maakt de beeldtaal voor architecturale visualisaties veel grijzer en saaier dan het werk van datzelfde bureau dat bestaat uit spectaculaire animaties en designs voor films en vrij werk. De bouwwereld is nu eenmaal aartsconservatief. In virtual empires wordt veel vaker gekozen voor extreme bouwstijlen waar Albert Speer nog van zou opkijken, maar verkoop zoiets extreems maar eens in de fysieke wereld. En zo blijven architecturale animaties vaak steken in een suikerlaagje over neutrale gebouwen. 
Links: vrij animatiewerk van Factory Fifteen, rechts; architectonische rendering in opdracht van hetzelfde bureau.
Ironisch genoeg spiegelt speculatief architect Liam Young dit júist voor als de toekomst van de stad. De fysieke wereld wordt rap voorzien van virtual markers om de verbinding tussen de virtuele en de fysieke wereld te leggen. Niet om de fysieke wereld te verbeteren, maar om onze persoonlijke beleving en emoties beter te voelen via die virtuele werelden. In de toekomst voorziet hij dat we alleen nog maar neutrale datacenters en green screen studios nodig hebben om die virtuele werelden zo goed mogelijk leefbaar te maken.
Voordat het zover is moeten architecten zich omscholen tot visionaire architect-animators zoals die in de film Inception werkzaam zijn; overtuigende bouwers van dromen. In de meeste science fiction films zijn schermen en studio’s allang overbodig, je tapt gewoon in op het neurologisch netwerk van je brein en je bespaart je de omweg van zintuigen en lichamelijke belemmeringen. De fysieke wereld zal er dan eerder uit gaan zien als in The Matrix of Coma, torens of hallen vol couveuses waar we met zijn allen direct met het brein gekoppeld zijn aan een datagrid, zich gelukkig voelend in hun virtuele omgeving. Maar weten wij veel, misschien is dat allang aan de hand, en hebben we dat simpelweg nog niet door.
Voor het VPRO radioprogramma VPRO Nooit meer Slapen werd ik geïnterviewd over de relatie tussen film en architectuur. Luister hier naar het interview:
1
2
3 
4